Mediatraining voor Kunstenaars:
debat

Een debat is het mediumtype waar kunstenaars het vaakst de controle verliezen, omdat de spelregels structureel in het nadeel zijn van wie gewend is aan nuance en context. De tegenstander hoeft geen gelijk te hebben, alleen harder te klinken. Beperkte spreektijd en interrupties maken het bijna onmogelijk om een creatief proces of maatschappelijke meerwaarde uit te leggen zonder te verzanden in abstracties. De zaal beoordeelt intussen wie sterker overkomt, niet wie gelijk heeft.

Wat er op het spel staat is zelden alleen jouw mening: subsidies, draagvlak voor je discipline, de reputatie van je instelling of collectief kunnen allemaal meespelen. Een slechte debatuitzending over cultuurbezuinigingen of de waarde van beeldende kunst kan jaren nazinderen in de perceptie van beleidsmakers en fondsen. Kunstenaars die dit onderschatten, gaan het debat in als individu en komen eruit als representant van een hele sector.

Een debat verschilt van een interview of talkshow doordat een tegenstander actief ruimte inneemt en jouw woorden onmiddellijk herformuleert ten nadele van je positie. De moderator stuurt op conflict, niet op begrip. Wat je in een interview rustig kunt uitleggen, moet je hier in één zin kunnen verdedigen, want na die zin word je al onderbroken.

Waar gaat het mis?

01

Te emotioneel reageren op kritiek op je werk in plaats van zakelijk te blijven

Als beeldend kunstenaar Nathalie Brouwer zegt 'dit werk gaat over kwetsbaarheid en verlies' in reactie op een aanval, verliest ze het debat al, want de zaal ziet emotie, geen argument.

02

Lang uitweiden over het creatieve proces terwijl de spreektijd al op is

Een uitleg over hoe een installatie drie jaar in ontwikkeling was, is in een debat geen argument maar tijdverlies, en de tegenstander gebruikt die pauze om de volgende aanval in te zetten.

03

Je laten meeslepen in een verdediging van kunst in het algemeen in plaats van de concrete stelling te beantwoorden

Zodra regisseur Bas van der Meer uitlegt waarom theater maatschappelijk relevant is in het algemeen, heeft hij de specifieke stelling losgelaten en geeft hij de tegenstander de ruimte om te zeggen: 'Dat is precies het probleem, te vaag, te breed.'

Zo kom je goed over

01

Bereid drie concrete, verifieerbare voorbeelden voor van maatschappelijke impact van jouw eigen werk, niet van kunst in het algemeen

Zeg niet 'kunst verbindt mensen' maar zeg: 'Mijn voorstelling in Tilburg trok 1.200 bezoekers uit wijken die normaal nooit in een theater komen, dat meten we na elke reeks', dat is onaanvechtbaar.

02

Train je antwoorden tot maximaal 25 seconden, hardop, met een timer, zodat je ook onder druk binnen de tijd blijft

Neem een collega of partner mee als oefenpartner die interrompeert na 20 seconden, zodat je leert je kernzin altijd als eerste te zetten, niet als afsluiter.

03

Gebruik de aanval van de tegenstander als aanloopje door te zeggen: 'Dat is precies waarom dit werk bestaat'

Als columnist Jeroen Stavast zegt 'kunstenaars leven in een bubbel', antwoord dan niet met een weerlegging maar met: 'Precies omdat mensen dat denken, ga ik al vijf jaar naar scholen in achterstandswijken', en je hebt de aanval omgezet in bewijs.

Het meest onderschatte PROOF-element bij kunstenaars in een debat is R, Relevant: zij gaan ervan uit dat de waarde van hun werk vanzelf spreekt, maar de kijker thuis heeft geen idee waarom jouw stelling hem persoonlijk raakt. Wie dat niet in de eerste zin regelt, praat de rest van het debat voor een publiek dat al afhaakt.

Wil je weten hoe jij overkomt?

Upload een fragment van je mediaoptreden en krijg binnen minuten een persoonlijke mediascore met concrete feedback.

Probeer PROOF gratisGeen creditcard nodig · Direct aan de slag