Mediatraining voor Politici:
persconferentie

Een persconferentie is voor een politicus het meest gecontroleerde en tegelijk meest verraderlijke mediaformat dat bestaat. Je staat achter een katheder met je eigen ambtenaren, je eigen planning en je eigen timing, maar zodra de vragen beginnen, bepaal jij niets meer. Journalisten komen niet voor jouw verhaal, ze komen voor de mazen erin. En anders dan bij een interview is er geen herkansingsgesprek achteraf.

Wat er op het spel staat, is zelden alleen de boodschap van die dag. Een persconferentie over een bezuinigingsmaatregel kan voor een wethouder het begin zijn van een motie van wantrouwen, of het einde ervan. Politici opereren in een ecosysteem waarin coalitiegenoten, ambtenaren, lobbyisten en kiezers allemaal tegelijk meekijken, elk met hun eigen belang bij wat er gezegd wordt en hoe het gezegd wordt.

Een persconferentie verschilt van een debat of een talkshowoptreden doordat journalisten door kunnen vragen totdat ze iets bruikbaars hebben, en dat is niet per se wat jij bruikbaar vindt. Er is geen presentator die het gesprek stuurt, er is geen klok die de tijd begrenst, en een antwoord dat technisch correct is maar aarzelt of omfloerst klinkt, wordt minder goed onthouden dan een zijdelingse opmerking die later viral gaat.

Waar gaat het mis?

01

Te lang doorpraten over details waardoor je kwetsbaar wordt voor vervolgvragen die je van je kernboodschap afhalen

Een politicus die bij een vraag over stikstofcompensatie begint te detailleren over rekenmodellen, geeft een journalist precies het haakje om door te vragen op een getal dat later onjuist blijkt te zijn.

02

Defensief reageren op aanvallen door jezelf te verdedigen in plaats van de discussie terug te brengen naar jouw agenda

Wethouder De Graaf die bij een vraag over kostenoverschrijding begint met 'maar u begrijpt niet hoe aanbestedingen werken', verliest het frame en geeft de journalist de positie van aanklager.

03

Lichaamstaal negeren terwijl camera's elke gefronste wenkbrauw en nerveuze beweging registreren

Een politicus die op de vraag 'heeft u gefaald?' zijn ogen neerslaat en zijn mond samenknijpt, levert de redactie een stilfoto op die de volgende ochtend meer zegt dan zijn hele antwoord.

Zo kom je goed over

01

Bereid drie kernboodschappen voor en keer bij elke vraag terug naar één van deze punten met de formule: erkennen, brugzin, boodschap

Als minister Visser gevraagd wordt naar mislukte subsidieverstrekking, zegt ze: 'Dat is een terechte vraag, en ik snap de zorgen, maar waar het vandaag om gaat is hoe we dit voor de toekomst repareren, en daarvoor hebben we dit plan.'

02

Gebruik de sandwich-techniek bij vijandige vragen: begin met erkenning, geef een bondig antwoord, sluit af met jouw punt

Staatssecretaris Hartman hoeft bij een vraag over overschreden deadlines niet de hele projectgeschiedenis te verdedigen, hij geeft één zin feit, één zin richting, en zwijgt daarna.

03

Oefen je houding voor de camera, niet de spiegel: rechtop staan, handen op het katheder of langs het lichaam, oogcontact verdelen over de zaal

Een politicus die op camerabeelden rustig en rechtop staat terwijl hij wordt geconfronteerd met een harde beschuldiging, communiceert controle, ook als het antwoord middelmatig is.

Het meest onderschatte PROOF-element bij politici op een persconferentie is de R van Relevant. Een politicus bereidt inhoud voor, maar vergeet te formuleren waarom die inhoud voor de kijker thuis ertoe doet, waardoor het antwoord technisch klopt maar de verbinding met het publiek al na de eerste zin verloren gaat.

Wil je weten hoe jij overkomt?

Upload een fragment van je mediaoptreden en krijg binnen minuten een persoonlijke mediascore met concrete feedback.

Probeer PROOF gratisGeen creditcard nodig · Direct aan de slag