Mediatraining voor Sportcoaches:
toespraak

Een sportcoach voor een zaal staat niet op zijn trainingsveld, maar wordt beoordeeld op zijn woorden in plaats van zijn resultaten. Bij een sponsorevent of teampresentatie zitten mensen die zijn tactische keuzes niet begrijpen maar wél onthouden of hij overkomt als iemand die zijn ploeg écht kent. De valkuil is dat coaches in zo'n setting terugvallen op voetbal- of sporttaal als schild, terwijl het publiek simpelweg wil weten of deze man of vrouw de situatie in de hand heeft.

Bij een toespraak na een reeks slechte resultaten staat de geloofwaardigheid van de coach direct op het spel, niet alleen bij supporters maar ook bij sponsors die elk kwartaal hun investering heroverwegen. Zijn werkgever, de technische staf en de spelers zitten soms letterlijk in dezelfde zaal, wat elke uitspraak over prestaties of verwachtingen meteen een interne boodschap maakt.

Een toespraak is geen vraaggesprek en geen persconferentie. Er is geen journalist die doorvraagt en je kunt niet corrigeren wat je al hebt gezegd. Het publiek hoort alles lineair, er is geen scrollen of herlezen, wat betekent dat een slechte openingszin het publiek meteen wegzet en je de rest van de toespraak bezig bent dat verlies in te halen.

Waar gaat het mis?

01

Te veel tactische details uitleggen die het publiek niet begrijpt in plaats van de grote lijn te schetsen

Als coach Marc de Vries bij een sponsoravond uitlegt dat zijn ploeg 'te hoog druk zette op de zestienmetergrens', verliest hij driekwart van de zaal in die ene zin, want sponsors en supporters willen horen wat het betekent voor de club, niet hoe het voetbal eruitziet.

02

Defensief reageren op kritiek over prestaties in plaats van eigenaarschap te tonen

Een zin als 'de buitenspelval werkte niet door fouten van de arbitrage' klinkt op een persconferentie misschien verdedigbaar, maar in een toespraak voor een volle zaal komt het over als onvolwassenheid, omdat er niemand is die de nuance eruit kan trekken.

03

Vergeten om het team centraal te stellen en jezelf te veel op de voorgrond plaatsen

Een toespraak waarbij de coach zichzelf acht keer noemt en zijn spelers twee keer, registreert het publiek niet bewust maar voelt het wel, en bij de borrel daarna is de coach degene die 'vooral bezig is met zichzelf'.

Zo kom je goed over

01

Begin met één concrete wedstrijdscène of spelersmoment dat het publiek kan zien als ze hun ogen sluiten

Coach Sandra Koster opende haar toespraak met 'vorige week dinsdag, vijf minuten voor tijd, zag ik Daan Hoekstra opstaan van de bank terwijl niemand hem vroeg' en iedereen in de zaal wist meteen waarover ze sprak, omdat het één ding was dat ze konden zien.

02

Gebruik de wij-vorm consequent zodat elke prestatie en elk probleem van de groep is, niet van jou alleen

Zeg niet 'ik heb besloten anders te trainen' maar 'wij hebben als staf en spelersgroep geconcludeerd dat we de intensiteit omhoog moeten', want in een toespraak valt eenzijdig eigenaarschap harder dan in een interview waar je het kunt toelichten.

03

Sluit af met één concrete uitdaging of belofte voor de komende periode die het publiek thuis nog kan navertellen

Een afsluiting als 'over zes weken spelen we de derby en dat is het moment waarop je ons zult zien' geeft het publiek iets om aan vast te houden en is te onthouden, een conclusie als 'ik ben tevreden met de richting' niet.

Het meest onderschatte element voor een sportcoach in een toespraak is de R van Relevant, omdat coaches gewend zijn te praten voor mensen die al betrokken zijn, hun spelers en staf, en vergeten dat een sponsor of toevallige bezoeker in de eerste tien seconden beslist of dit hem iets aangaat. Wie de toespraak begint zonder te duiden wat er voor het publiek op het spel staat, verliest precies de mensen die hij het hardst nodig heeft.

Wil je weten hoe jij overkomt?

Upload een fragment van je mediaoptreden en krijg binnen minuten een persoonlijke mediascore met concrete feedback.

Probeer PROOF gratisGeen creditcard nodig · Direct aan de slag