Een wetenschapper in een interview heeft één fundamenteel probleem: je bent gewend te worden beoordeeld op precisie en volledigheid, maar een interviewer beoordeelt je op hoe snel je to the point bent. Een zin als 'dat is genuanceerder dan het lijkt' is wetenschappelijk correct maar journalistiek dodelijk. Je verliest de controle over je eigen boodschap niet omdat je iets verkeerd zegt, maar omdat je te veel zegt. De valkuil zit niet in de inhoud, maar in de structuur van je antwoorden.
Als wetenschapper sta je in een interview altijd voor twee publiek tegelijk: het brede publiek dat iets wil begrijpen, en je vakgenoten die meekijken of je niets te simpel stelt. Die spanning leidt tot voorbehouden en bijzinnen die je boodschap ondermijnen. Ondertussen spelen ook institutionele belangen mee: je universiteit, je onderzoeksfonds en je vakgroep worden allemaal met jouw uitspraken geassocieerd.
Een interview is geen college en geen paper. De interviewer heeft vooraf een verhaal in zijn hoofd en stelt vragen die dat verhaal bevestigen of uitdagen. Jij bent niet de regisseur, je bent een bron. Dat betekent dat een antwoord van vijftig seconden gevolgd door een kapje van tien seconden door de interviewer de ronde tafel haalt als die tien seconden, niet als jouw zorgvuldige nuance.
Te veel jargon gebruiken zonder uitleg wat termen betekenen voor het publiek
Als klimaatwetenschapper Anna Brink het over 'radiative forcing' heeft zonder directe vertaling, haakt een televisiekijker binnen drie seconden af en onthoudt alleen dat het ingewikkeld klonk.
Antwoorden voorbereiden in plaats van je verhaal in hapklare brokken organiseren
Als je een volledig antwoord uit je hoofd leert, ga je dat antwoord afmaken ook als de interviewer je halverwege onderbreekt, wat je overkomt als defensief en inflexibel.
Geen concrete voorbeelden of analogieën bedenken om abstracte concepten uit te leggen
De stelling dat 'langdurige blootstelling aan fijnstof leidt tot verhoogde mortaliteit' is voor een kijker abstract tot je zegt: dit betekent dat mensen in Utrecht-Oost gemiddeld anderhalf jaar korter leven dan in een dorpje in Drenthe.
Vertaal elk vakterm direct naar begrijpelijke taal en test dit op een leek uit je omgeving
Vraag letterlijk aan je buurman of je partner of ze begrijpen wat je net zei, en als ze aarzelen heb je je antwoord: de formulering klopt nog niet.
Bereid drie kernboodschappen voor met per boodschap een concreet voorbeeld uit het dagelijks leven
Schrijf die drie boodschappen op een kaartje en oefen ze los van elkaar, zodat je vanuit elk antwoord terug kunt navigeren naar een van de drie, ongeacht wat de interviewer vraagt.
Oefen je antwoorden hardop en hou ze onder de 30 seconden voor televisie en 60 seconden voor radio
Neem jezelf op met je telefoon en luister terug: spreek je langer dan dertig seconden, dan is er één zin te veel en die zin is bijna altijd de nuancering die je aan het einde toevoegde.
Het meest onderschatte element is P, het persoonlijke. Wetenschappers zijn getraind om zichzelf buiten de bevindingen te houden, maar in een interview wil de kijker weten wie jij bent in dit verhaal, niet alleen wat het onderzoek zegt. Zonder dat anker vertrouwt niemand de boodschap.
Upload een fragment van je mediaoptreden en krijg binnen minuten een persoonlijke mediascore met concrete feedback.
Probeer PROOF gratisGeen creditcard nodig · Direct aan de slag